Steun ons en help Nederland vooruit

woensdag 5 februari 2014

Interview met ‘de Culturele Stelling’ en Ruigoord over de vrijheid in Amsterdam #vrijestad66

D66 stelt deze maand het thema Vrije Stad centraal. Hoe vrij is Amsterdam en is iedereen in staat kansen te pakken? Kandidaat-raadsleden Ariëlla Verheul en Reinier van Dantzig gingen in gesprek met Simon van Dommelen van de Culturele Stelling van Amsterdam, Isis van der Wel en Emilie Randoe, bestuurslid van Ruigoord om daar over te praten. De Culturele Stelling is een groot Amsterdams netwerk van kunst- en cultuurproducenten die werkzaam zijn op creatieve werkterreinen en vrije ruimten aan de rafelranden van de stad. Of, in hun eigen woorden: de verdedigingslinie van de vrije cultuur van Amsterdam. Isis is internationaal succesvol DJ, evenementenorganisator en voormalig nachtburgemeester van Amsterdam en heeft zich in die hoedanigheid o.a. ingezet voor de eerste 24-uursvergunningen voor horeca in Amsterdam. Ruigoord, tot slot, is de oudste vrijplaats van Amsterdam. Het is een kunstenaarskolonie waar kunst èn leven worden geïntegreerd tot een openbaar experiment.

Jullie zetten je allemaal individueel en in diverse samenwerkingsverbanden in voor de vrije stad Amsterdam. Wat willen jullie bereiken?

Amsterdam heeft veel potentie en internationale aantrekkingskracht. Om dat cultureel en economisch te benutten moet je niet alleen focussen op die activiteiten, gericht op consumenten, die elke wereldstad doet (iconenbouw, tentoonstellingen van grote meesters e.d.), maar je juist concentreren op wat Amsterdam uniek maakt, zoals onze eigen cultuurproducties. Daar maakt de Culturele Stelling zich hard voor.

Iedereen heeft een ander idee bij wat vrij is. Simon: “Met de Culturele Stelling zijn we lange tijd bezig geweest met het opstellen van een manifest voor de stad. Daar kwamen we niet uit door de grote verscheidenheid aan ideeën. Waar we het wel over eens waren is het belang van het delen van onze waarden en dat je organisch kunt organiseren. Dat je elkaar kunt vinden op het moment dat het nodig is, en dat niet alle initiatieven hoeven worden vastgelegd in besturen bijvoorbeeld. Vrijheid en diversiteit zijn niet te vangen in structuren. Dat was de les van het manifest.”

Isis: “Verder leunt een vrije stad niet alleen op een cultureel maar ook op een belangrijk sociaal maatschappelijk element. Uitwisseling tussen generaties bijvoorbeeld is erg belangrijk om vernieuwing tot stand te brengen, en het vrije gevoel te stimuleren. Daar moeten we met elkaar veel meer op inzetten”.

Wat is er vanuit de politiek, vanuit de gemeente, nodig om het vrije karakter van Amsterdam te benutten?

Dat gaat dan vooral om meer flexibiliteit in het beschikbaar stellen van tijdelijk vastgoed, vastleggen van bestemmingen en vergunningsverlening.

Wat als we nou eens andersom zouden redeneren bij vergunningverlening? We hebben nu vergunningen om wantrouwen af te dekken. Als je start met vertrouwen dan heb je in beginsel geen vergunning meer nodig om de burgers te beschermen. Dat vraagt om meer samenwerking in buurten want er moet wel draagvlak zijn voor initiatieven. Je zou kunnen beginnen met meer standaardvergunningen. Simon: `Ik ben ook zakelijk leider van de Noorderparkkamer. Daar hebben we bij wijze van experiment nu een parapluvergunning voor alle evenementen, het hele jaar lang. Dat scheelt ons zoveel tijd en geld; dat kunnen we nu besteden aan mooie initiatieven voor Noord”.

Alle regels rondom vergunningverlening hebben ook een andere kant. Isis: “In Amsterdam is een soort tweestrijd aan de gang. Of je opereert als kleine festival organisator, of als grote organisator die met een grote machine moet presenteren om aan alle veiligheidsregels en leges te kunnen voldoen. Er moet echt meer ruimte komen voor het middensegment. Nu wordt niemand geprikkeld om zich geleidelijk van klein tot groter te ontwikkelen. De kosten zijn gewoon te hoog, en de risico’s te groot. Qua vrijplaatsen zie je ook enige dualiteit.. Bureau Broedplaatsen doet mooie dingen voor de stad. Maar ook bij dit gemeentelijke bureau, dat is opgericht om kleine collectieven en nieuwe initiatieven te stimuleren, zie je dat de groep die absoluut geen commerciële doelstelling nastreeft maar wel een significante (sociaal) culturele bijdrage aan de stad levert buiten de boot valt. Dit is ook logisch gezien vanuit de werkwijze van Bureau Broedplaatsen, het is een organisatie die financieel mee investeert. Het zou mooi zijn als er ook voor het (sociaal) culturele speelveld dat daar buiten valt meer gemeentelijke waardering komt. Hier wordt juist niet gevraagd om financiële ondersteuning, maar om erkenning en waardering.

Verder: experimenteer met het loslaten van bestemmingen voor ruimtes. Of maak desnoods een nieuwe bestemming “experimentele speelgrond”. Daag de mensen uit om meer initiatief te tonen. Hang niet overal bordjes op kies voor slechts één bordje: “betreden op eigen risico”. Op een gegeven moment moeten mensen beseffen dat ze zelf een verantwoordelijkheid hebben. De zelfredzaamheid van mensen hangt daar nauw mee samen. Emilie Randoe: “We hebben zelf een soort plofburgerschap gecreëerd. Als je mensen volstopt met zorg en voorzieningen, dan creëer je vanzelf meer vraag”.

Jullie noemden ook flexibiliteit bij het beschikbaar stellen van tijdelijk vastgoed om het vrije karakter van Amsterdam te stimuleren. Wat is het belang van tijdelijk vastgoed voor de vrije stad?

Tijdelijkheid is een belangrijk element voor een volwassen samenleving. In de tijdelijkheid worden ideeën geboren. Je ziet dat tijdelijk vastgoed nu wordt aangeboden als een crisismaatregel. Het staat leeg en je mag het gebruiken maar als er een projectontwikkelaar met een zak geld komt, wippen we je er weer uit.

De vraag naar betaalbare fysieke ruimte is veel groter dan het aanbod. Zorg dat je op ieder moment – crisis of geen crisis – vastgoed beschikbaar hebt om creativiteit en innovatie te stimuleren. En dan kun je nog steeds met tijdelijke contracten werken. Want wat je soms ziet is dat wanneer de dreiging voor ontruiming wegvalt, het initiatief vaak ook insukkelt. Dat is een soort paradox. Want het geeft ook onzekerheid en een zeker soort rust is ook belangrijk om een onderneming op te kunnen bouwen. Maar zie dit desalniettemin als een pleidooi voor scherpe randjes. Dreiging creëert dynamiek en geeft glans.

Tot slot verdient het gemeentelijk beleid rondom de verkoop van vastgoed een nieuwe blik. Waarom kiezen we zo vaak voor de maximale prijs als criterium bij de verkoop van gemeentelijk vastgoed, terwijl sommige initiatieven een enorme maatschappelijke toegevoegde waarde genereren?